Een hapje placenta: wel of niet?

Zoogdieren doen het, Kim Kardashian heeft het gedaan, de Chinese geneeskunst ziet er het beste van in: het eten van de placenta, ofwel ‘placentofagie’.

Voedingswaarden
De placenta – of misschien is moederkoek in dit geval een appetijtelijkere naam – zou boordevol ijzer, vitamine B-12 en hormonen zitten en dit alles zou voor een ware gezondheidsboost kunnen zorgen. Zeker voor de kersverse moeder. Zo zou het minder kans geven op een postnatale depressie, het zou ervoor zorgen dat vrouwen sneller zouden herstellen van een bevalling, het zou vermoeidheid tegen kunnen gaan.
En niet alleen voor de pas bevallen vrouw zou het gezond zijn. Het zou kaalheid kunnen voorkomen, het zou verlichting kunnen bieden tegen een klompvoetje, het zou kunnen helpen bij huidziekten, er zijn zelfs vrouwen die het eten omdat het onvruchtbaarheid tegen zou gaan… Een wondermiddel, zou je bijna denken.

Receptuur
Echte die hards nemen gewoon een hapje rauwe placenta (wel eerst het vliesje eraf halen), maar mocht je dat niet zien zitten dan zijn er mogelijkheden te over om met de placenta als basisingrediënt culinair aan de slag te gaan. Je kunt het koken, bakken of frituren. Je kunt er hachée van maken. Of Paté.
Ben je meer een zoetekauw? Dan is een placenta-smoothie met aardbeien, sinaasappelsap en een vleugje gember lekker fris, lekker anders. Of je bakt er koekjes van.
Denk je ‘ook dit is nog iets te hoog gegrepen’, geen probleem: er kunnen ook capsules van gemaakt worden. Die slikken lekker makkelijk weg.

Te mooi om waar te zijn
Het is toch eigenlijk te mooi om waar te zijn: een medisch wondermiddel én een ingrediënt zo vol voedingswaarden en met tal van culinaire mogelijkheden?
Dat is het ook, blijkt uit een artikel van The American Journal of Obstetrics & Gynecology (onderzoeksreview). Een groep respondenten, allemaal pas-geworden-moeders, is tijdens een wetenschappelijk onderzoek getest. De helft van deze vrouwen kreeg een pil met daarin hun eigen placenta verwerkt, de andere helft dacht zo’n zelfde pil te krijgen, maar kreeg een placebo (nep-pil). Speekseltesten werden afgenomen, hormoonspiegels werden gemeten en vragenlijsten over vermoeidheid en algehele gemoedstoestand moesten ingevuld worden. En wat bleek? Géén verschil tussen beide groepen.

Nou is het eten van de placenta in Nederland sowieso niet zo’n hype als dat het in bijvoorbeeld Amerika is, maar mocht je desondanks interesse hebben, lees je dan vooral goed in en – niet onbelangrijk – zet alle voor- en nadelen goed tegen elkaar af.

Reageer op artikel:
Een hapje placenta: wel of niet?
Sluiten